Gesprek met Martin Appelo over zijn boek ‘Hecht Niet’
In deze blog deel ik mijn inzichten uit een persoonlijk gesprek met psycholoog en auteur Martin Appelo over zijn boek Hecht Niet. We bespreken hoe onveilige hechting ontstaat, welke invloed dit heeft op relaties en gedrag, en waarom inzicht in hechtingspatronen een belangrijke eerste stap is naar meer basisvertrouwen, bewustwording en gezondere relaties.
Niel Rijsdijk
6/20/20268 min read


Waarom sommige mensen moeite blijven houden met hechten – inzichten uit mijn gesprek met Martin Appelo
Wist je dat naar schatting 30 tot 40% van de volwassenen kenmerken heeft van een onveilige hechtingsstijl?
Veel mensen lopen vast in terugkerende relatieproblemen zonder precies te begrijpen waarom. Ze verlangen naar liefde, intimiteit en verbinding, maar merken dat relaties steeds opnieuw stuklopen. Sommigen trekken zich terug zodra een relatie te dichtbij komt. Anderen verliezen zichzelf juist volledig in de ander. Weer anderen blijven zoeken naar bevestiging, erkenning of de perfecte partner, zonder ooit echt tevreden te zijn.
Wat veel mensen niet weten, is dat onveilige hechting vaak niet direct zichtbaar is. Mensen kunnen succesvol zijn in hun werk, een druk sociaal leven hebben of zich volledig storten op sport, hobby's of persoonlijke ontwikkeling. Soms worden deze activiteiten zelfs een vorm van compensatie voor een diepere behoefte aan veiligheid, verbinding en erkenning.
In gesprek met Martin Appelo over Hecht Niet
Enige tijd geleden had ik het bijzondere genoegen om met psycholoog, psychotherapeut en auteur Martin Appelo te spreken over zijn boek Hecht Niet. Zijn visie op hechting, hechtingsproblematiek en de impact daarvan op relaties gaf mij waardevolle inzichten, zowel als coach en therapeut als vanuit mijn eigen persoonlijke ontwikkeling.
Tijdens mijn opleiding tot Zijnsgeoriënteerd Coach en Therapeut, maar ook in mijn werk als begeleider, heb ik veel mensen ontmoet die jarenlang hebben gedacht dat er iets mis was met hen. Dat zij te gevoelig waren, te afhankelijk, te wantrouwend of niet in staat waren om gezonde relaties aan te gaan.
Pas wanneer zij ontdekken hoe hun hechtingsgeschiedenis hun huidige relaties, zelfbeeld en gedrag beïnvloedt, ontstaat er vaak opluchting. Niet omdat hun problemen direct verdwijnen, maar omdat er begrip ontstaat voor de oorsprong van hun patronen. Niet vanuit zelfverwijt, maar vanuit bewustwording, zelfcompassie en een dieper begrip van zichzelf.
Wanneer liefde alleen niet voldoende is
Een van de meest confronterende boodschappen uit het boek is dat sommige mensen, ondanks hun verlangen naar verbinding, grote moeite hebben om zich duurzaam te hechten.
We leven in een tijd waarin vaak wordt gezegd dat alles te genezen is. Dat wanneer je maar voldoende inzicht krijgt, genoeg therapie volgt of diep genoeg in je verleden graaft, uiteindelijk alles goed komt.
Appelo plaatst daar een belangrijke nuance bij.
Volgens hem zijn er mensen die door hun vroege hechtingsgeschiedenis een blijvende kwetsbaarheid hebben ontwikkeld in hun vermogen om zich veilig en duurzaam te verbinden met anderen. Appelo spreekt in dit verband over een hechtingshandicap: een verminderd vermogen om veilige, stabiele en duurzame verbindingen aan te gaan.
Dat begrip klinkt misschien confronterend, maar biedt tegelijkertijd veel mensen een verklaring voor patronen waar zij soms al hun hele leven mee worstelen.
Dat betekent niet dat deze mensen geen liefde kunnen voelen. Ook niet dat zij geen relaties kunnen aangaan. Wel betekent het dat zij vaak blijven worstelen met intimiteit, vertrouwen, afhankelijkheid en emotionele nabijheid.
De oersoep van basisvertrouwen
Een beeld dat mij bijzonder aansprak in het boek is wat Appelo de oersoep noemt.
Met deze metafoor verwijst hij naar de essentiële ingrediënten die een kind nodig heeft om zich gezond te ontwikkelen:
liefde
veiligheid
zekerheid
onvoorwaardelijke acceptatie
Wanneer deze ingrediënten voldoende aanwezig zijn, ontwikkelt een kind basisvertrouwen. Het leert dat het welkom is, dat gevoelens er mogen zijn en dat andere mensen in de basis betrouwbaar zijn.
Wanneer deze ingrediënten ontbreken, ontstaat vaak een heel ander verhaal.
Kinderen leren zich aanpassen.
Ze leren zichzelf te redden.
Ze leren hun behoeften weg te stoppen.
Ze leren alert te zijn op afwijzing, spanning of gevaar.
Wat ooit nodig was om te overleven, wordt later vaak een vast patroon in relaties.
Hoe ontstaat onveilige hechting?
Volgens Appelo speelt vooral de sensitiviteit en consistentie van verzorgers een belangrijke rol.
Wanneer ouders onvoldoende afgestemd zijn op de behoeften van hun kind, kan het kind moeite krijgen met het ontwikkelen van basisvertrouwen.
Dit zie je bijvoorbeeld wanneer sprake is van:
emotionele verwaarlozing
afwijzing
agressie
mishandeling
verslaving binnen het gezin
psychische problemen van ouders
onvoorspelbaar opvoedgedrag
Vooral kinderen die opgroeien in een omgeving waarin liefde en veiligheid onvoorspelbaar zijn, ontwikkelen vaak ingewikkelde hechtingspatronen.
Zij verlangen naar verbinding, maar vertrouwen die verbinding tegelijkertijd niet volledig.
Waarom blijven dezelfde relatiepatronen terugkomen?
Een van de meest fascinerende inzichten uit de hechtingspsychologie is dat veel mensen zich onbewust aangetrokken voelen tot wat vertrouwd voelt.
En wat vertrouwd voelt, is niet altijd gezond.
Tijdens het lezen van Hecht Niet en mijn gesprek met Appelo kreeg ik opnieuw inzicht in mijn eigen geschiedenis en in patronen die ik ook regelmatig terugzie bij cliënten.
Veel mensen kiezen niet bewust voor dezelfde soort partner.
Toch komen ze telkens opnieuw terecht in vergelijkbare dynamieken.
Ze voelen zich aangetrokken tot emotioneel onbereikbare partners.
Tot mensen die verzorgd willen worden.
Tot partners die bevestiging nodig hebben.
Of juist tot mensen die afstand houden zodra het echt dichtbij wordt.
Vaak hebben deze patronen meer te maken met onze hechtingsgeschiedenis dan met toeval.
Het hulpverleningssyndroom
Een thema dat ik ook in mijn eigen leven heb herkend, is wat soms het hulpverleningssyndroom wordt genoemd.
Jarenlang voelde ik mij regelmatig aangetrokken tot vrouwen die ik wilde helpen, ondersteunen of redden.
Pas later begon ik te begrijpen dat dit patroon nauw verbonden was met mijn jeugd en de relatie met mijn moeder.
Wat voor mij liefde leek, bleek deels ook een oude vertrouwde rol.
De rol van zorgen.
De rol van dragen.
De rol van verantwoordelijkheid nemen.
Dit soort patronen zie ik ook vaak terug bij mensen die opgroeiden in een omgeving waarin zij al vroeg emotioneel verantwoordelijk werden voor anderen.
De zoektocht naar verbinding, betekenis en verdoving
Een inzicht uit Hecht Niet dat mij bijzonder raakte, is hoe mensen met een ernstige vorm van onveilige hechting vaak hun hele leven op zoek blijven naar iets wat het gemis van veiligheid, liefde en verbondenheid moet opvullen.
Dat kan zich uiten in:
overmatig werken
extreem sporten
alcohol- of drugsgebruik
voortdurend nieuwe relaties aangaan
obsessief bezig zijn met persoonlijke ontwikkeling
overmatig zorgen voor anderen
het zoeken naar redding in spiritualiteit of religie
het volledig opgaan in een kerkelijke of religieuze gemeenschap
Appelo benadrukt dat deze activiteiten niet per definitie ongezond zijn.
De vraag is vooral: waarom doe je het?
Zoek je werkelijk verbinding, verdieping en betekenis? Of probeer je gevoelens van leegte, angst, schaamte, afwijzing of eenzaamheid niet te hoeven voelen?
Vanuit de Zijnsgeoriënteerde visie herken ik hierin sterk wat het compensatieproject wordt genoemd. Veel mensen proberen via prestaties, succes, relaties, middelen, spiritualiteit of erkenning alsnog te vinden wat zij als kind hebben gemist. Zij hopen via de buitenwereld alsnog het gevoel van veiligheid, liefde, waardering of verbondenheid te ervaren waar zij vroeger tekort aan kwamen.
In de Zijnsgeoriënteerde benadering wordt ervan uitgegaan dat mensen vaak onbewust proberen een innerlijk gevoel van tekort of onveiligheid te compenseren. Dit kan zich uiten in voortdurend bezig zijn met verkrijgen, verbeteren, presteren, zoeken of zorgen voor anderen. Hoewel deze strategieën tijdelijk verlichting kunnen geven, brengen zij meestal niet de duurzame vervulling waar iemand werkelijk naar verlangt.
Maar juist daar ligt vaak de paradox.
Hoe harder we proberen de leegte op te vullen, hoe verder we soms verwijderd raken van werkelijk contact met onszelf.
Werkelijke verandering begint vaak niet met nóg meer doen, maar met het ontwikkelen van het vermogen om stil te staan bij wat we al die jaren hebben geprobeerd te vermijden.
Dat vraagt moed.
Want vroeg of laat komen we dan de gevoelens tegen die onder onze overlevingsstrategieën verborgen liggen: verdriet, angst, gemis, eenzaamheid en het verlangen naar liefde en verbinding.
Juist daar ontstaat vaak de mogelijkheid tot herstel, zelfacceptatie en een dieper basisvertrouwen.
Waarom verliefdheid soms niet overgaat in liefde
Een ander inzicht uit Hecht Niet is dat sommige mensen met een ernstige hechtingshandicap moeite hebben om de natuurlijke ontwikkeling van een relatie te doorlopen.
In het begin van een relatie voelen zij vaak dezelfde opwinding, aantrekkingskracht en verliefdheid als ieder ander. De fase van verliefdheid wordt gekenmerkt door verlangen, spanning, idealisering en sterke emotionele aantrekkingskracht.
Maar wanneer een relatie zich ontwikkelt naar een diepere vorm van verbondenheid, vertrouwen en intimiteit, ontstaat er bij sommige mensen juist onrust.
De overgang van verliefdheid naar liefde vraagt namelijk om hechting.
En juist daar ligt voor mensen met een hechtingshandicap vaak de grootste uitdaging.
Sommigen gaan dan onbewust op zoek naar nieuwe prikkels, nieuwe verliefdheden of nieuwe bevestiging. Anderen trekken zich emotioneel terug, worden afstandelijk of richten zich steeds meer op werk, sport, hobby's, spiritualiteit of andere vormen van afleiding.
In sommige gevallen kan dit ook leiden tot ontrouw of het aangaan van parallelle relaties. Niet altijd omdat iemand bewust wil kwetsen, maar omdat de spanning van een nieuwe verliefdheid tijdelijk gevoelens van leegte, onrust of onzekerheid overstemt.
Daardoor ontstaat soms een patroon waarin iemand telkens opnieuw de kick van verliefdheid zoekt, maar moeite heeft om de stap te maken naar duurzame liefde, kwetsbaarheid en echte verbondenheid.
Juist daarom is het herkennen van deze dynamiek zo belangrijk. Niet om iemand te veroordelen, maar om te begrijpen welke onderliggende angst, pijn of onveiligheid zich achter dit gedrag kan verschuilen.
De rol van basisvertrouwen
Wat mij aanspreekt in het werk van Appelo is dat hij veel aandacht besteedt aan bewustwording en acceptatie.
Niet alles hoeft direct opgelost te worden.
Soms begint verandering met begrijpen.
Begrijpen waarom je reageert zoals je reageert.
Begrijpen waarom je steeds dezelfde patronen tegenkomt.
Begrijpen waarom bepaalde situaties je zo diep raken.
In mijn praktijk zie ik regelmatig dat mensen jarenlang hebben geprobeerd hun onzekerheid, angst of relatieproblemen op te lossen door harder hun best te doen. Ze lezen boeken, volgen trainingen, werken aan hun zelfvertrouwen en proberen zichzelf te verbeteren.
Maar wanneer de onderliggende hechtingswond niet wordt herkend, blijven dezelfde patronen vaak terugkomen.
Juist daarom vind ik het begrip basisvertrouwen zo belangrijk. Niet omdat het alle problemen oplost, maar omdat het helpt begrijpen waarom iemand is geworden wie hij of zij is geworden. Vanuit dat begrip ontstaat vaak meer mildheid naar zichzelf en daarmee ruimte voor werkelijke verandering.
Waarom dit onderwerp mij raakt
Het boek raakte mij niet alleen als professional, maar ook persoonlijk.
Ik herken veel van de beschreven dynamieken uit mijn eigen geschiedenis. Door de emotionele en psychische problemen binnen mijn gezin van herkomst was er niet altijd sprake van de veiligheid, voorspelbaarheid en emotionele beschikbaarheid die een kind nodig heeft om een stevig basisvertrouwen te ontwikkelen.
Ik weet hoe het is om te zoeken naar bevestiging, om jezelf aan te passen, om liefde te proberen te verdienen en om te ontdekken dat veel van die patronen hun oorsprong vinden in oude hechtingsdynamieken.
Juist daarom heeft het onderwerp hechting mij altijd gefascineerd. Niet alleen om mijn eigen geschiedenis beter te begrijpen, maar ook om anderen te helpen inzicht te krijgen in hun patronen.
Hoop en verandering
Gelukkig betekent een onveilige hechtingsgeschiedenis niet dat verandering onmogelijk is.
Hoewel oude patronen diep verankerd kunnen zijn, zie ik in de praktijk dat bewustwording, zelfonderzoek, gezonde relaties en het ontwikkelen van meer basisvertrouwen wel degelijk kunnen bijdragen aan groei en meer innerlijke vrijheid.
Dat betekent niet dat het verleden verdwijnt of dat alle pijn opgelost wordt. Wel betekent het dat mensen kunnen leren hun patronen te herkennen, verantwoordelijkheid te nemen voor hun gedrag en op een andere manier om te gaan met de gevolgen van hun geschiedenis.
Juist daarin zie ik een mooie verbinding tussen de inzichten van Martin Appelo en de Zijnsgeoriënteerde visie. Beide benadrukken het belang van bewustwording, zelfonderzoek en het leren omgaan met de realiteit van wie we zijn geworden door onze levensgeschiedenis.
Niet vanuit schuld of zelfverwijt.
Maar vanuit eerlijkheid, acceptatie en de bereidheid om te groeien.
Voor mij begint duurzame verandering niet met jezelf repareren, maar met het ontwikkelen van een dieper begrip van je eigen geschiedenis. Wanneer je leert herkennen welke overlevingsstrategieën ooit nodig waren om jezelf te beschermen, ontstaat er ruimte voor meer mildheid, zelfacceptatie en bewustere keuzes in het hier en nu.
Dat is wat ik keer op keer zie gebeuren bij mensen die bereid zijn om eerlijk naar zichzelf te kijken. Niet omdat hun verleden verandert, maar omdat hun relatie met dat verleden verandert.
Herken jij jezelf hierin?
Merk je dat dezelfde relatiepatronen zich blijven herhalen? Loop je steeds opnieuw vast in liefde, verbinding of intimiteit? Of herken je de neiging om leegte en onrust op te vullen met werk, prestaties, relaties, spiritualiteit of andere vormen van compensatie?
Dan kan inzicht in je hechtingsstijl een belangrijke eerste stap zijn naar meer bewustwording, zelfacceptatie en gezondere relaties.
Want soms begint verandering niet met nog meer doen, maar met het begrijpen van wat je jarenlang hebt geprobeerd te overleven.
